De laatste etappe: via Soedan en Egypte naar huis

19 mei 2011:

Na twee maanden lang in Ethiopië overwegend voor Sinterklaas aangezien te zijn, was het wel weer verfrissend om in Soedan echte gastvrijheid en open, vrij en persoonlijk contact te ervaren. Jeetje, niemand vraagt om geld. Dat is raar. Ik ben dan alleen in Noord Soedan geweest, maar dat was genieten met volle teugen. Okee, het is een strenge moslimstaat en ik heb inderdaad geen Soedanese vrouw gesproken. Maar misschien wel omdat de overheid zo streng is, zijn de mensen (mannen) openminded, vrijheidzoekend en vaak erg blij om mij te zien.

In het eerste stadje, Gedaref , heb ik geen andere blanke gezien. Iedereen groette, zonder bijbedoelingen, en ik werd door velen uitgenodigd op de thee. Ik kreeg zelfs geen kans om de ander op mijn beurt uit te nodigen. Het is mij maar één keer gelukt om mijn thee zelf te betalen, maar dat was toen er even geen Soedanees in de buurt was. Het is zo’n fijn volk, zo open en aardig. En voor ik het wist was ik mannen aan het coachen. Ze stelden zich kwetsbaar op en konden hun gevoelens verrassend goed uiten. Ik heb geen Tripje naar de Vrijheid met ze gedaan, maar ik voerde meerdere bevestigingsgesprekken per dag. Dat wil ik in Nederland er ook bij gaan doen, bevestigingsgesprekken voor kinderen en volwassenen, als steuntje voor je authentieke ik en voor het zelfvertrouwen van binnenuit.

Mijn lieve Zuid-Soedanese vriend Joseph van het restaurant naast mijn hostel in Gedaref

Ik vond het wel grappig om niks te begrijpen van de moslimregels en gebruiken die er in Soedan heersten, en er een beetje mee te spelen: “Waarom draagt die vrouw sokken in haar slippers? Is 40 graden en een verschroeiende zon niet warm genoeg?” en “Mmm, dus jij hebt vier vrouwen? Dat lijkt mij wel wat. Kan ik er twee lenen om het eens te proberen?” en “Oeps, mag je hier niet met ontbloot bovenlijf op het balkon staan?” Ik zag wel dat de meeste mannen een andere mode volgden, voornamelijk die van de witte soepjurken, maar ja…” Ik voelde me in ieder geval heerlijk in de rol van passant en had veel lol. Ook al snapten ze mijn humor niet altijd helemaal, ze waren erg tolerant en vriendelijk opvoedkundig ten opzichte van zo’n “onwetende” westerling als ik.

Omdat ik maar een visum voor twee weken had gekregen en ik ook echt wel op de weg terug naar huis was, nam ik niet de tijd om het hele land uitvoerig te bekijken. Ik zou daarom nog wel een keertje terug willen gaan. Het mooiste wat ik niet gezien heb, is het Nijlgebied in het noordwesten, het land van de Nubiërs met vele tempels en piramides. In plaats daarvan bezocht ik een Engelse vriendin die ik in Oeganda had leren kennen, in Khartoum. De hoofdstad leek veel meer op een politiestaat dan Gedaref. Toch was het een waardevol bezoek waarin ik mijn kookkunsten weer eens kon uitleven. Daarnaast kon ik Diane voor haar nieuwe stukjes van de stad laten zien en mocht ik haar helpen in haar ontwikkelingsproces. Als beloning van het universum, kwam ik via haar in contact met een aardige collega-lerares die een huis in Luxor (Egypte) bleek te hebben, dat ze voor een vriendenprijs aan mij wilde verhuren.

Dat perfecte huis aan de rustige, niet-toeristische kant van de Nijl, had ik nodig, omdat Queen Caroline Feel Good mij in Luxor zou komen opzoeken. Zij kende mijn manier van reizen iets te goed, dus had ze mij op een doordringende manier geïnstrueerd dat ik niet met een armoedig kamertje met gedeelde badkamer in het goedkoopste hostel aan moest komen. Het was wel geweldig om Caroline compleet uit haar dak te zien gaan van verrassing en opwinding toen we samen het uiterst sfeervolle paleisje binnengingen en na het fonteintje in de tuin, op het met ontelbare lampjes verlichte dakterras aan het einde van de rondleiding kwamen. Het was het begin van een geweldige week in de heerlijke, liefdevolle vertrouwdheid van ons samenzijn en in de oudheid van de Egyptische cultuur. We bezochten enkele tempels die Caroline wilde zien en ontdekten in het Tempelcomplex van Karnak het verborgen standbeeld van Sekhmet, the dark side of Goddess Hathor (de Godin van de Liefde). Wow!!! Dat was voor mij toch wel het hoogtepunt van alle tempels en piramides in Egypte.

Door zich te omringen met de Godinnen Hathor en Isis, probeerde Koning Ramses II ook een God te worden.

Het meer waarover ik per boot Egypte was binnengekomen, was pas ontstaan sinds de bouw van de dam van Aswan. Die had ervoor gezorgd dat veel tempels en Nubische dorpen onder water beland zouden zijn, als UNESCO niet ingegrepen had. Zij hebben voor elkaar gekregen dat in ieder geval de tempels naar hoger gelegen delen verplaatst werden. Ik snap niet dat een land als Egypte zelf niet beseft dat het bewaren van kostbare cultuurschatten, zoals de Tempel van Abu Simbel, heel belangrijk is en dat zij daar zelf niet de verantwoordelijkheid voor hebben genomen. Rond Aswan zag je dus dat zelfs de oude en heilige Egyptische tempels niet aan de wereldwijde digitaliseringsgolf zijn ontsnapt: afgebroken en in blokjes (= pixels) elders gereconstrueerd (= gedigitaliseerd). En zoals mijn artikel over digitalisering als verzwakking van de mens ook al betoogde, voelden de gedigitaliseerde tempels, die van hun originele plek en heelheid waren ontdaan, niet inspirerend, niet bezield en ontvreemd van hun authentieke energie.

De steden Aswan en Luxor beleefden economisch gezien moeilijke tijden doordat de toeristen wegbleven, vanwege de revolutionaire onrust in het land. Heerlijk rustig, maar geheel ten onrechte, want ondanks dat de politie zwak vertegenwoordigd was, had ik niet het idee dat buitenlanders op enige wijze het doelwit waren van alle emoties, die vooral in Cairo door de hoofden van de mensen gierden. Het was een nationale strijd, een inwendig conflict, dat toen ik er was al beslecht was, maar dat nog elke dag overal besproken werd. De jongeren hadden de tirannieke regering van Mubarak omvergeworpen en de ouderen waren trots op hen. Maar hoe nu verder? Waar zijn de intellectuelen? Wie heeft wel enige bestuurlijke ervaring, maar is toch niet corrupt? Hebben de jongeren ook oplossingen? Hoe kunnen alle bevolkingslagen gexefntegreerd en vertegenwoordigd worden in een veelzijdige en controleerbare nieuwe, democratische regering en welke staatsvorm past daarbij? Kortom: geen eenvoudige uitdaging voor Egypte.

Aswan en Luxor waren de hassle-zones van het land, de toeristenindustriegebieden, dus als verkopers of boot-, kameel-, of koetsmannen mij/ons wilden aanspraken, zei ik al meteen: “This is a hassle-free zone”. En grappig genoeg begrepen ze dat. Ze wisten waar ze dag in dag uit mee bezig waren: mensen lastigvallen. In Cairo had je een stuk minder last van dit fenomeen. Maar waar de winkeletalages allerlei prachtige vrouwenkleding en zelfs lingerie lieten zien, zag je op straat niks vrouwelijks rondlopen. Iedere vrouw was compleet verhuld of op een andere manier niet sierlijk gekleed. Het leek dat de Egyptenaren veel conservatievere moslims waren dan de Soedanezen, maar ook tegelijkertijd hypocrieter. Niks mocht officieel, maar ondertussen gebeurde alles in het geheim en werden westerse vrouwen toch wel regelmatig seksueel benaderd door Egyptische mannen. In Dahab, een budgettoeristische duikplaats in de Sinaï-woestijn aan de Golf van Aqaba, heb ik nog twee dagen heerlijk gedoken en genoten van de relatieve vrijheid. En daar deed ik in het Nederlandse hostel waar ik verbleef, bij enkele humoristische gasten alvast een mini-reïntegratiecursus. Ik deed alsof ik een Afrikaan was die meer van Nederland wist dan zij: “Wat zei je nou? Klantenservice? Dat bestaat niet meer hoor. Het komt in ieder geval in het nieuwe woordenboek niet meer voor.”

Alexandrië was de laatste bestemming van deze reis in Afrika en eigenlijk was dat qua cultuur een heel leuke, Mediterraanse stad, veel vrijer en opener dan Cairo en veel authentieker en karakteristieker dan de toeristische oorden. De geur van de Middellandse Zee was heerlijk en anders dan alle andere zeeën, zouter en frisser. Ik vond weer lekkere koffiebarretjes en leerde hoe je daar op straat zelf van deeg, pastrami (vleeswaren) en pardanokaas een smakelijke pizza-calzone-achtige snack kunt maken die ter plekke voor je gebakken wordt in een ronddraaiende oven, waar iedereen op wacht. Van dit soort lokale gebruiken zijn altijd zo leuk om te ervaren als je reist. Daarna werd ik op thee en een waterpijp getrakteerd door een jongen, die later in zijn kamer vertelde wat voor ellende hij had meegemaakt en die moest leren dat je als man ook mocht huilen. Ik vertelde hem dat huilen geen zwakte maar moed betekent en dat het hem zou kunnen helpen om weer verder te gaan met zijn nog jonge leven. Ik hoop dat ons gesprek hem echt heeft geholpen.

Zoals er in Egypte nauwelijks toeristen waren, wat de tempel- en piramidebezoeken zoveel bijzonderder had gemaakt, was ook de enorme auto- en passagiersferry naar Venetië zo goed als leeg. Er was dus behalve de luxe van die moderne, Italiaanse boot, niet veel te beleven in de twee dagen en drie nachten op de Middellandse Zee. Van Venetië naar Nederland liften duurde ongeveer een etmaal en toen was ik, na een voettocht door heel Utrecht, eind april 2011, na 13 maanden op reis weer thuis!

Mijn eerste lift op weg naar huis vanaf de haven van Venetië was best bijzonder te noemen

Ik ga binnenkort nog één weblogbericht aan deze reis toevoegen, omdat de terugkomervaring vaak de grootste uitdaging is die meestal vergeten wordt, maar die zeker een onderdeel uitmaakt van de reis. Want hoe zet je de ontwikkelingen die je op reis doorgemaakt hebt, neer in je oude werkelijkheid? En hoe pak je op een vernieuwde manier de draad weer op qua werk?

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s